Waarom het zelfvertrouwen van een kind niet groeit door complimenten.

Ik kwam onderstaand artikel tegen en wil deze graag met jullie delen. Ik denk wel degelijk dat het een kern van waarheid is.

Eén van de misverstanden in het opvoeden is dat complimentjes geven bijdraagt aan het zelfvertrouwen. Het lijkt voor de hand liggend, maar het tegendeel is waar. Hoe komt dat en is er een alternatief? Lees hieronder hoe je door op een andere manier te reageren op positief gedrag, bijdraagt aan het zelfvertrouwen van je kind.

Als je je kind vertelt, dat ie iets goed gedaan heeft, spreek jij een oordeel uit. Gebeurt dit regelmatig, dan leert je kind om de norm buiten zichzelf te leggen. Ik heb eens een ouder ontmoet met een onzeker kind, wat ze toch regelmatig complimentjes gaf.       Wat bleek het probleem? Het kind werd er onzeker van, want als een compliment uitbleef, dacht hij dat hij het niet goed deed. En je kunt toch onmogelijk de hele dag alles wat goed is van een complimentje voorzien.

Uit onderzoek blijkt dat kinderen, die vaak geprezen worden, faalangstiger worden. Als een kind bijvoorbeeld vaak te horen krijgt dat ie slim is, zal hij banger worden om te falen. Want dan wordt aangetoond, dat hij toch niet zo slim is.                                    Zo’n kind is dus bang dat het tegendeel wordt bewezen en zal daarom moeilijke opgaven vermijden. Als het om school gaat, zal hij bijvoorbeeld niet in de hoogste groep willen zitten of de moeilijkste opleiding kiezen. Eerder zullen ze voor de veilige weg kiezen en daarmee hun eigen ontwikkeling belemmeren.

Veel belangrijker is het om de inzet van een kind te waarderen. Want als een kind leert dat zijn inzet het belangrijkste is, zal hij veel makkelijker nieuwe en moeilijke dingen proberen en dus uiteindelijke verder komen. Door de inzet te waarderen in plaats van het resultaat help je je kind om een mindset te ontwikkelen, waarmee hij uitdagingen aankan.

Gelukkig is er een alternatief voor complimentjes geven. Want het is toch fijn om aandacht te besteden aan wat goed gaat. Dat doe je door niet een oordeel te geven, maar te beschrijven wat je ziet. “Ik zie dat het je gelukt is, om de goeie kleur te mengen”. “Ik kwam net in je kamer en zag dat je flink aan het opruimen bent geweest”. Adele Faber en Elaine Mazlish noemen dat in hun boek ‘How2Talk2Kids’: effectief prijzen.

Ook is het goed om een positief gevoel te delen. In plaats van “wat goed van je, wat ben je toch handig”,  kun je ook zeggen “wat fijn, hè, dat het je gelukt is”. Het is altijd goed om gevoelens te benoemen.  “Volgens mij ben je heel tevreden over het resultaat”. Ook kun je in plaats van een compliment met een ik-boodschap je eigen gevoel benoemen. “Ik ben zo blij voor je, dat je het gehaald hebt. Je hebt het echt verdiend door zo hard te werken”.

Wat vinden jullie? Hoe pakken jullie het aan?

Advertenties

6 tips tegen breinmonsters

En nou wegwezen………………………………………………….

1. Spreek met jezelf af vanaf nu niet meer naar die negatieve stemmen te luisteren. Begint er een monster in je hoofd te fluisteren, praten of schreeuwen, kap hem dan af.

2. Hoor je jezelf de woorden “nooit” of “altijd” zeggen, wees dan op je hoede. Nooit en altijd zijn typische monsterwoorden. Je zucht en denkt “hij gooit ook altijd zijn jas op de grond”. Niet meer doen.

3. Geef je anderen de schuld over iets wat tegenzit? Stop. Je bent zelf verantwoordelijk voor je succesen en mislukkingen. Hoor je stemmetje dat zegt: “als Pietje niet………”? Dit maakt een slachtoffer van je.

4. Stel jezelf de vraag: is het honderd procent waar wat dit stemmetje zegt? Is het de realiteit of jouw preceptie? Weet je bijvoorbeel zeker dat die moeder op het schoolplein denkt dat jij een dikke kont hebt? Weet je het niet honderd procent zeker, laat het dan los.

5. Maak korte metten met Alles-Of-Niets denken. Iets is nooit alleen maar goed of slecht. Ga je een keer niet naar de sportschool, denk dan niet meteen dat het nooit meer gaat lukken, je een slappeling bent en je er net zo goed helemaal mee kan stoppen. Een keer iets niet doen, betekent niet dat je het moet opgeven.

6. Schrijf eens met je monstertje. Zo onderzoek je wat het je te vertellen heeft en waarom precies. Vouw een A4tje in de lengte door het midden. Schrijft links wat je monstertje zegt. Schrijf rechts wat jij als positief denkende monstertemmer daar op te zeggen hebt.